Leveranciersmonitor van het Rijk

Het is bijna traditie aan het worden, deze week alweer een serieuzer stuk op onze nieuws pagina. Ditmaal belichten we de leveranciersmonitor van het Rijk. Wat is de achterliggende gedachte en wat zijn onze gedachten over deze monitor.

Minister Plasterk

De Tijdelijk commissie ICT-projecten heeft in 2015 de kamer al geadviseerd om ICT-projecten van het Rijk structureel te laten monitoren. Dat zou, kort gezegd,  bruikbare informatie opleveren voor ministeries bij hun besluitvorming over nieuwe projecten. Minister Plasterk (BZK) heeft dit advies uiteindelijk (ten dele) opgepakt en een zogeheten leveranciersmonitor ingericht. Deze monitor is sinds februari 2017 van kracht en heeft als functie om de past performance van leveranciers vast te leggen. In een brief aan de Tweede Kamer wordt dit punt toegelicht door de minister:

“Aanbestedende diensten zullen de monitor raadplegen, bij wijze van controle op de door de leveranciers verstrekte informatie. Een leverancier wordt uitgesloten van deelname, indien sprake is van een sanctie naar aanleiding van prestaties in de afgelopen drie jaar en de leverancier, ondanks deze sanctie, geen zelfreinigende maatregelen heeft genomen om zijn betrouwbaarheid aan te tonen. Ook wanneer een leverancier onjuiste informatie verstrekt, wordt deze van de aanbesteding uitgesloten.”

Met het inrichten van de leveranciersmonitor maakt Plasterk gebruik van en geeft invulling aan Artikel 2.87 van de gewijzigde Aanbestedingswet (juli 2016) waarin onder andere in opgenomen is dat inschrijver/gegadigde uitgesloten kunnen worden van deelname aan de aanbestedingsprocedure op basis van prestaties uit het verleden. Het gaat daarbij om gevallen waarin in het verleden duidelijk niet is gepresteerd zoals overeengekomen en waarin dit heeft geleid tot vroegtijdige beëindiging van de opdracht, schadevergoeding of andere sancties.

Kanttekeningen bij de leveranciersmonitor

In eerste instantie lijkt de ingebruikname van de leveranciersmonitor bij te dragen aan het filteren van de ‘rotte appels’, maar wanneer we het nieuwe initiatief met een kritische blik bekijken ontkomen we niet aan een aan het plaatsen van een aantal kanttekeningen. Allereerst is het de vraag wat als ijkpunt wordt genomen voor de ‘slechte prestatie’, vanaf ingang monitor, of met terugwerkende kracht? En weten partijen dat zij op de ‘zwarte lijst’ staan, of komen ze hier proefondervindelijk achter zodra ze op basis hiervan worden uitgesloten? Daarnaast is het volstrekt onduidelijk wat door het Rijk concreet wordt bedoeld met zelfreinigende maatregelen die de betrouwbaarheid van gegadigde/inschrijver aantoont en door wie dit wordt bepaald.

Andere benadering

Naast de enkele vinnige kanttekeningen is het vooral de fundamenteel andere benadering van aanbesteden waar we onze vraagtekens bij moeten zetten. Het Rijk gaat in zijn monitor niet uit van aantoonbare prestaties, maar van aantoonbare wanprestaties die kunnen leiden tot uitsluiting. Het is op zijn minst twijfelachtig of dat voldoende recht doet aan het wezenlijke doel van aanbesteden…

Wil jij (alleen al) weten hoe je een aanbesteding van het Rijk kunt winnen? Neem dan contact met ons op!