Algemene Rekenkamer: Inkoop bij de rijksoverheid niet op orde

De Algemene Rekenkamer (hierna: ARK) heeft op 17 mei het rapport Staat van de Rijksverantwoording 2016 gepubliceerd. Dit is een jaarlijks rapport waarin wordt gerapporteerd over de juiste besteding van de begrotingsmiddelen in het voorafgaande jaar. Behalve of de regels zijn gevolgd voor het innen en besteden van geld wordt hierbij beoordeeld of de ministeries organisatorisch hun zaakjes op orde hebben en of er voldoende zicht is op de resultaten van beleid, en dus of bedrijven en burgers “waar voor hun geld” hebben gekregen.

Als het gaat om de bedrijfsvoering blijkt uit dit rapport dat inkoop nog altijd een hardnekkig probleemgebied is. Met name bij het aanbesteden van relatief kleine inkopen wordt er deels in strijd gehandeld met de wet- en regelgeving, en dan met name in de selectie van de leverancier.

Het rapport benoemt twee oorzaken hiervoor. De introductie van de Aanbestedingswet 2012, met striktere regels mede om de kansen voor het mkb te vergroten. Dit is dan ook een probleem van de afgelopen jaren, wat wel afneemt, maar het aantal onvolkomenheden blijft groot.

Misschien zorgwekkender is de constatering van de ARK van een (toenemend) tekort aan deskundigheid. Men ziet dat ministeries moeite hebben om voldoende inkoopdeskundigheid te werven en behouden. De verwachting is dat deze schaarste aan expertise in de toekomst alleen maar zal toenemen.

Economische kosten

De rijksoverheid koopt jaarlijks voor zo’n €9,9 miljard in (exclusief defensie). Het is in het belang van ons allemaal dat dit geld op een goede plek terechtkomt. Zorgvuldig aanbesteden is de sleutel om te zorgen dat de gekozen oplossing (inschrijver) ook werkelijk de economisch meest voordelige is.

Niet te onderschatten is ook wat een aanbestedingsprocedure kost. Vaak wordt hierbij gedacht aan de investering vanuit overheidszijde. Maar wat wel eens vergeten wordt is de investering die hierbij komt kijken voor inschrijvende ondernemingen. De ARK heeft in 2012 de totale kosten berekend van een aanbestedingsprocedure. Hieruit bleek dat een openbare aanbesteding gemiddeld €82.500,- kost en een niet-openbare aanbesteding gemiddeld €94.500,-. 20% van die kosten worden gemaakt door de aanbestedende dienst en maar liefst 80% door de geïnteresseerde bedrijven samen.

We vinden dan ook dat we (burgers en bedrijfsleven) hoge eisen mogen stellen aan de professionaliteit van aanbestedende diensten. Terugkijkend op het aantal stopgezette aanbestedingsprocedures en heraanbestedingen dat we de afgelopen jaren hebben gezien, is er ook wat ons betreft werk aan de winkel. We hopen dan ook dat de plannen van de minister voor de doorontwikkeling van het inkoopstelsel (zie hier) hun vruchten afwerpen.

Download hier het rapport van de Algemene Rekenkamer.